PERSBERICHT
CD&V legt een plan op tafel om naziroofkunst zoveel mogelijk terug bij de rechtmatige eigenaar te krijgen. De partij wil dat doen aan de hand van een dynamische databank, proactief herkomstonderzoek, meer samenwerking tussen de deelstaten en meer aandacht voor herdenking in het onderwijs, onderzoek en in de media, zegt initiatiefneemster en Vlaams Parlementslid Katrien Partyka.
In juli spraken verschillende experten in het Vlaams Parlement over hoe Vlaanderen moet omgaan met de slachtoffers van kunst die door nazi's werd geroofd tijdens de Tweede Wereldoorlog of kunstwerken die verplicht of onder dwang werden verkocht aan de bezetter in de periode voor de oorlog. Hun conclusie was dat ons land jarenlang te weinig heeft gedaan, en het is dan ook hoog tijd voor een coherente aanpak en een duidelijk beleid rond het fenomeen, vindt CD&V.
Partyka herinnert eraan dat minister van Cultuur Caroline Gennez (Vooruit) eerder dit jaar de oprichting van een permanente restitutiecommissie had aangekondigd. Die is echter weinig waard als er niet bijkomend wordt ingezet op doorgedreven herkomstonderzoek en aan expertiseopbouw hierrond bij onze Vlaamse universiteiten en musea, aldus het CD&V-parlementslid. Om ook op andere beleidsniveaus herkomstonderzoek te stimuleren, kan bijvoorbeeld nagedacht worden om herkomstonderzoek te linken aan bepaalde subsidies.
Daarnaast pleit CD&V voor de oprichting van een dynamische databank voor naziroofkunst en voor een grensoverschrijdende aanpak. "Heeft een Vlaamse restitutiecommissie veel zin of moeten we meteen naar een samenwerkingsmechanisme kijken om dit ook op Belgisch niveau aan te pakken?", vraagt Partyka zich af. "Daarnaast moet die Vlaamse restitutiecommissie ook de dialoog kunnen aangaan met onze buurlanden over de herkomst van naziroofkunst."
Tot slot wil de partij dat er een helder en ambiteus herdenkingsbeleid op poten wordt gezet, met bijvoorbeeld tentoonstellingen of een televisieprogramma over naziroofkunst. En ook de individuele verwerking van slachtoffers mogen we niet uit het oog verliezen. "We moeten daarom grote aandacht besteden aan de manier waarop de permanente restitutiecommissie claims van rechthebbenden zal afhandelen", aldus Partyka.
"Het is onze plicht als maatschappij om de naziroofkunst indien mogelijk terug te bezorgen aan de enige, rechtmatige eigenaars aan wie historisch onrecht is aangedaan", besluit ze. "Gestolen kunstobjecten die niet meer aan de rechtmatige eigenaars kunnen terugbezorgd worden moeten als naziroofkunst geïdentificeerd en geduid worden naar het publiek toe. Daarnaast moet er een kader komen waarbinnen eventuele claims van nabestaanden correct kunnen worden afgehandeld. 'De recente niet-restitutie door Stad Gent van een geroofd kunstwerk , en de terechte verontwaardiging daarover, toont aan dat deze problematiek brandend actueel is."